Wat is verlichting?

Iedereen zal daarop wel zijn eigen antwoord hebben. Misschien wel de meeste reactie: Ik ben het in ieder geval niet.
Waar licht is, is geen duisternis. En dat is wat we allemaal wel ervaren, duisternis in ons leven: al is het maar door een bericht in de krant dat een familie haar jonge dochter mist. Later dan blijkt vermoord te zijn… Zoiets maakt zelfs de volledig onbekende lezer niet blij.
Duisternis omringt ons en lijkt ook onze ziel af en toe binnen te dringen, zoals bij het lezen van zoiets afschuwelijks.
Maar… je bent niet het verhaal. Er is iets wat groter is dan zulke berichten in de krant. Je kunt Dat realiseren. Je kunt direct zien dat je Dat bent. Dan wordt de kou in je huiskamer verdreven door het vuur van jouw kachel. Je vergeet dan weer die kou, of dat deze nimmer heeft bestaan. Toch gaat het hier niet om het goed praten van zulke gebeurtenissen, in het leven van families. Maar dat je terug kunt keren naar je bron. Dat je weet wat je werkelijke thuis is, zogezegd.
Als mens kennen we verdriet en pijn. Maar wat is er verkeerd aan om de kachel in jouw leven brandende te houden? Of om te ontdekken dat ook in jouw woning een kachel staat.

Verkrampt…

…En daardoor niet innerlijk verlicht.
We denken, geloven dat we innerlijk anders zijn dan Jezus, Boeddha, God, Krishnamurti,… Misschien dat we wel tot bloei kunnen komen maar dat er nu geen sprake is van non-dualiteit tussen beiden.
We denken, geloven innerlijk iets anders te ervaren dat minderwaardig is aan – bijvoorbeeld – de grote Boeddha.
Jij bent niet Dat/Het/Hem. In ieder geval niet nu.
Maar het kan ook zo zijn dat je daar wel in gelooft. Dat je gelijk bent aan bijvoorbeeld Jezus, God. En dat je om die reden hem/hen echter van je afduwt. Want je hebt immers genoeg aan jezelf.
Maar als je nu eenmaal nooit genoeg hebt aan jezelf. En dat je toch volkomen gelijk bent aan…. Wat dan?
Dan ben je nimmer afgescheiden van dat wat je buiten jezelf ervaart. Dan is de innerlijke ervaring van ‘jezelf’ niet anders dan als je bijvoorbeeld denkt aan ‘de grote Boeddha’. Dan zij twee een.
Alles wat we buiten onszelf geestelijk heiliger/groter/reiner/verlichter/… achten dan ons zogenaamde nietige zelf, is slechts een symbool, een verwijzing naar Dat/Het/Wie we werkelijk Zijn. Maar dat moet je natuurlijk wel echt begrijpen, zien.
De uiterlijke Jezus of Boeddha die jij zo als bijzonder ervaart, is niets anders dan de ervaring van jeZelf, hier en nu. Maar dan via een omweg. Als je dat echt direct waarneemt. Is er een openheid die jouw innerlijk en de gehele hemel omvat. Dan is binnen en buiten een. Dan ervaar je enkel Het. Dan maakt het niet uit dan, je op dat moment verrukt bent door de woorden van de Boeddha. Of door een video van J. Krishnamurti enthousiast bent. Er is enkel Dat. Hoe je Dat ook ervaart, er is enkel Dat. Boeddha is Dat en jij bent Dat. Of dat je nu enkel alleen bent en nergens aan denkt. Dat, is niet-twee.
Daarom is het van groot belang (jouw) alle goede leraren te omhelzen. En daarbij ook jezelf te omhelzen.
Het licht komt tot ons door bijvoorbeeld een leraar. Maar er is ook sprake van een innerlijke leraar. Er is geen onderscheid tussen beiden. Hoe goed je je ook voelt van binnenuit, enkel door eigen inspanning, wijs nimmer het licht af wat van buitenaf naar jou komt. En hoe groot een licht ook moge zijn van buitenaf naar jou toe. Jij bent en blijft altijd verantwoordelijk voor je eigen leven.
Met andere woorden: Je kunt niet om jezelf en de ander heen. Samen zijn zij een. En nimmer gescheiden geweest. Er is enkel maar een licht.
Wie onafhankelijk wil zijn, is en blijft verkrampt.
Wie afhankelijk denkt te zijn, is en blijft verkrampt.
De Waarheid is totaal. Open. Een.
Verlichting omvat de uiterlijke en innerlijke meester/leraar/God. Deze kunnen enkel als twee worden ervaren in en door onwetendheid. In vreugde de innerlijke leraar ontdekken is gelijk aan in vreugde de uiterlijke leraar ervaren. Wie dus tegen een Jezus, Boeddha, et cetera is, is eigenlijk tegen zijn eigen volledige, totale verlichting zonder verkramping. Wie tegen eigen verantwoordelijkheid is, zit in hetzelfde schuitje.
Kijk naar jezelf. Kijk naar de ander. Zij zijn een en daarin ligt de verlichting. 😉

Liefde of verlichting is geen idee

Jij bent liefde. Liefde als idee ontstaat bij twijfel en gebrek aan inzicht. Als Christus het licht in de wereld is, dan is jouw licht echt niet anders. Er bestaan niet twee lichten. Dat wat goddelijk is, is een.
Zoals de ruimte in een stenen kruik niet anders is dan de ruimte buiten de kruik. En die zogenaamde afgescheiden ruimte bestaat slechts door de kruik. Ons ego creëert deze illusie van innerlijke afgescheidenheid.
Als de stenen kruik breekt (hoe groot of klein ook) blijkt overduidelijk dat de innerlijke ruimte in werkelijkheid altijd hetzelfde is geweest als de uiterlijke ruimte. Dat geldt voor alle ruimtes, in hoeveel stenen kruiken ook.
De verlichting van een Boeddha is jouw verlichting. De vrede van deze verlichte is jouw vrede. Er bestaat in werkelijkheid maar een vrede.
Natuurlijk kun je iemand buiten jouzelf als groot ervaren en aan jezelf twijfelen maar als je jezelf echt begrijpt: is buiten binnen en binnen buiten.
De zoon van God dat ben jijzelf.
De Boeddha dat ben jijzelf.
Als liefde een idee is, dan is er ook nog altijd haat. Want als idee probeer jij je haat te beteugelen, niet waar? Waar liefde gerealiseerd is, kan haat niet zijn.
Het is goed Jezus te vinden. Maar ook hij zei: Jij bent het zout der aarde en het licht der wereld. … Je kunt niet meer worden dan je meester maar wel gelijk aan hem. Blijkbaar is deze boodschap vergeten door christenen en geeft hun aanbidden van de Heer hun meer vrede. Maar omdat de Heer niet altijd ervaren wordt, omdat je niet altijd denkt aan Jezus, omdat Jezus zich niets steeds openbaart aan jou, van minuut tot minuut ontstaan er leemtes waarin jij niets ervaart. Maar als jij ook gelijk bent aan hem, dan zullen deze leemtes verdwijnen. Dan wordt je geheel verlicht. Maar als je ook maar de kleinste twijfel ervaart betreffende deze waarheid, blijf je hopen op hem, die je Jezus noemt, jouw redder.
Ook boeddhisten kunnen dag in dag uit mediteren op de Boeddha maar dat doet ook niet de leemtes in hen voorgoed verdwijnen.
Zelfs als je Jiddu Krishnamurti zegt te prefereren, die geen volgelingen had en geen autoriteit wilde zijn, kan het toch zo zijn dat je de afwezigheid van hem en de afwezigheid van zijn leringen als akelig ervaart. Dat je het liefst er altijd vol van zou willen zijn, is het niet zo voor iedere zoeker?
De twijfel dat je afgescheiden bent van God doet juist alle ervaringen in stand houden als zeer belangrijk voor jouw ziel als mens hier op aarde. God afwijzen heeft geen zin maar je zelf niet kennen ook niet. Als jij echt de innerlijke ruimte bewust wordt en niet alleen die uiterlijke ruimte, zullen deze samen gaan. De uiterlijke leraar verwijst altijd naar de innerlijke leraar. En de innerlijke leraar wijst de uiterlijke leraar in zijn licht niet af. Je kunt niet Krishnamurti (bewust) afwijzen en zelf verlicht zijn. Het licht kan namelijk niet zichzelf afwijzen.
Als Jezus jouw leven verlicht, dan is jouw liefde voor hem geen andere liefde dan zijn liefde voor jou. Dit zien en echt begrijpen, doet iedere grens verbleken en verdwijnen.
Er is slechts enkel licht. Dat wat we zijn.

De lotus en de zon

Eerst groeit de lotus helemaal vanuit de modder en diepe water naar de oppervlakte, waar dan de bloem zich openbaart, vlak boven het wateroppervlakte. Dat kan niet zonder de zon. De zon vervolmaakt de lotus.
De weg van de kundalini gaat – in onszelf – helemaal omhoog en als de energie stroomt, voel jij je beter. Als we ons open voelen, waar zijn we dan open voor? Dat wat we God noemen kan ons dan bereiken en ons leven vervolmaken.
Verlichting kan niet half zijn. Jij doet een stapje en God doet een stapje. Jij ontmoet de kosmos en de kosmos jou. Samen een. Zoals de ruimte in een gesloten aarden pot een wordt met de ruimte buiten zich als de pot breekt. Er is een ruimte.
De sleutel van dit alles is liefde en observatie.

 

Verlichting

Verlichting is een beladen onderwerp.
Maar… toen de Boeddha ontwaakte sprak hij er gewoon over, toch was de eerste persoon waar hij het tegen zei het er niet mee eens. Hij zag wel dat Gautama Boeddha iets uitstraalde maar… ‘verlicht’?
Nu wordt Boeddha aanbeden, door miljoenen mensen, over de hele wereld, als een verlichte.
Zeggen dat je verlicht bent, roept vaak vele vraagtekens op. Durf jij jezelf te vergelijken met Boeddha? Of te vergelijken met Jezus, zeggen dat je God bent?
Boeddhisten zullen je gauw hoogmoedig vinden en christenen zullen je voor verward of verdwaald verklaren, want alleen hun Jezus is namelijk God.
Toen Osho (Bhagwan) 21 jaar door India trok om overal lezingen te geven, zei hij niet dat ie verlicht was. Hij zei waarom: ‘Ze zouden me hebben vermoord.’ Zelfs in India moet je uitkijken om zomaar in het openbaar voor groot publiek te beweren dat je verlicht bent! Later begon hij wel te zeggen dat ie verlicht was maar dat deed hij voor zijn eigen groep van mensen.
Toen Jiddu Krishnamurti werd gevraagd of dat hij de nieuwe Christus was, antwoordde hij met: Wat voor zin heeft dat om daar een antwoord op te geven. Als ik ja zeg en iemand anders zegt dat ik het niet ben, wie zal je dan moeten geloven? Maar later zei hij ook: Er is geen verschil tussen mij en waarover ik spreek.
Je hebt altijd discussies over hoe groot jouw leraar is en die van mij. Dat bijvoorbeeld Boeddha verlichter was dan Osho.
Zelfkennis kan alleen maar over jou gaan en dan wel hier en nu.
Wees namelijk een licht voor jezelf.
En als jij verlicht bent, zul je een zegen zijn voor jezelf en je meest directe omgeving. Maar het kan zijn dat mensen je liever kwijt dan rijk zijn, zelfs op Facebook. 
Zen heeft een prachtige uitspraak: Hoe groter de twijfel hoe groter de verlichting. Hoe kleiner de twijfel, hoe kleiner de verlichting.
Je moet aan alles durven en kunnen twijfelen zonder daarin kinderachtig te worden. Zelfonderzoek vraagt vrijheid.
Verlichting is altijd net even anders dan je denkt. Het bekende heeft er geen vat op.